600.000 baantjes zwemmen en bias
  • 08/07/2026
  • Wim Van Den Nobelen

Tussen bias en Olympisch bad: het gevaar van te veel ervaring

Leestijd: 3 min
SollicitantenStrategie/Proces

Een olympisch kampioen op de 50 meter heeft naar schatting zo’n 600.000 baantjes gezwommen voordat die ene race wordt gewonnen. Niemand kijkt daarvan op. Integendeel. We noemen het discipline, toewijding en vakmanschap.

Maar stel dat een recruiter in een loopbaan ook het equivalent van 600.000 baantjes heeft gemaakt. Duizenden gesprekken gevoerd. Tienduizenden cv’s gelezen. Honderden vacatures ingevuld.

Dan gebeurt er iets bijzonders.

Waar een zwemmer steeds beter wordt door herhaling, loopt een recruiter juist het risico op het tegenovergestelde.

Op bias.

Ons brein zoekt patronen. Het herkent overeenkomsten, trekt conclusies en vult lege plekken razendsnel in. Dat maakt ons efficiënt, maar niet altijd zorgvuldig. Nog voordat een kandidaat is uitgesproken, denken we soms al te weten hoe het verhaal afloopt.

Juist ervaring kan daardoor een valkuil worden.

En daarom hebben topzwemmers iets wat iedere recruiter eigenlijk ook zou moeten hebben: een coach. Niet omdat de techniek niet wordt beheerst, maar omdat iemand van buiten ziet wat je zelf niet meer ziet. Een coach corrigeert, stelt vragen en voorkomt dat routine ongemerkt verandert in een verkeerde gewoonte.

Dat geldt net zo goed voor recruitment.

De kwaliteit van een recruiter zit niet in het aantal gevoerde gesprekken. De kwaliteit zit in het vermogen om ook na duizenden gesprekken nieuwsgierig te blijven. Om biasvrije vragen te stellen. Om echt te luisteren. Om de persoon tegenover je belangrijker te vinden dan het patroon dat je denkt te herkennen.

Misschien is dat wel de grootste uitdaging voor ervaren recruiters. Niet nóg meer ervaring opdoen. Maar ervoor zorgen dat ervaring nooit nieuwsgierigheid vervangt.

Over de Auteur: Wim Van Den Nobelen

Iedere woensdag een scherpe analyse, verhelderende inzichten of anekdotes over recruitment.